Dag 35 – Bang om alleen te staan

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb angst te ervaren om alleen te zijn zonder x.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bang te zijn om te verdwijnen als ik alleen ben zonder x, wat verdwijnen in de mind moet zijn.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bang te zijn dat ik verdwijn in de mind als ik alleen ben, wat niet Al(l)Een is maar alleen als eenzaam in de mind.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb x vast te willen houden en achterop de scooter naar de camping te rijden, waar ik het lijkt of ik geen zelfverantwoordelijkheid hoef te nemen alleen als mezelf.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bang te zijn x kwijt te raken door de keuzes die ik zelf maak.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bang te zijn te verdwijnen in verdriet zonder aanwezigheid van x.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf alleen als angst te kennen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb angst als uitgangspunt te gebruiken voor leven, wat geen leven is maar een programmering volgen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat de programmering als angst echt is, aangezien het voelt alsof het echt is.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat mijn emoties en gevoelens echt zijn.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bijna niet te kunnen ademen van angst.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb me veilig te voelen bij x, hoe onveilig en vervelend het vaak ook is.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb een polariteit van veilig en onveilig te koppelen aan samen zijn met x.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf af te scheiden van veilig zijn in/als mezelf, en hierin mezelf als onveilig te definieren.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf als onveilig te definieren door de aanvallen in/als de mind van emoties van verdriet, angst, twijfel en eenzaamheid.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb verdriet, angst, twijfel en eenzaamheid als onveilig te definieren, in plaats van het te zien zoals het is, ieder op zich een losstaande emotie, voortkomend uit een gedachte/uit gedachtes die ik ergens onderdrukt heb en heb opgeslagen als emotie in het fysiek.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik een man nodig heb om me veilig te voelen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik liefde nodig heb om me veilig te  voelen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb gevoelens van liefde te creeren om me veilig te voelen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mijn gedrag door het uitgangspunt van angst te laten bepalen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb kortaf te worden doordat ik bang ben om alleen te zijn, waarmee ik een situatie creeer waarin ik juist fysiek alleen ben.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik niet aardig tegen x mag doen als ik niet bij hem wil blijven in een man-vrouw relatie

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik geen tijd met x door mag brengen als ik geen relatie met hem wil.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb de tijd die ik doorbreng met x constant af te meten aan wel of geen relatie willen, waardoor ik nooit hier aanwezig ben, constant als mezelf.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het niet te leuk te willen hebben met x omdat ik niet weet of ik bij hem wil blijven.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik bij x moet blijven, dat het mogelijk is om ‘bij’ iemand te blijven, in plaats van een en gelijk als mezelf te zijn in ieder moment, met ieder ander levend wezen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te ervaren alsof ik iets heel ergs ga doen, namelijk alleen staan, waarin ik een enorme angst en verdriet ervaar om alles te verliezen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik iets te verliezen heb als ik alleen ga staan.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het als onveilig te ervaren om alleen naar het nieuwe huis te gaan om te schilderen nu het eenmaal zover is, terwijl ik vorige week ‘ernaar uit keek’ om een dag alleen te schilderen in het nieuwe huis.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb nog adem te halen via een gedachte aan een ander, wat via de mind is.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb adem te halen via participatie in de mind, wat geen ademhalen is als Leven maar mezelf voeden met mind-energie als liefde als medicijn tegen de angst.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat de liefde die ik ervaar in/als de mind leven is, in plaats van zelf een en gelijk als Liefde als Leven te zijn.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bij God niet te weten wat een en gelijk als Liefde als Leven zijn is, in plaats van in te zien dat ik het ook niet bij God kan weten, ik kan het alleen worden door mezelf Hier in het fysiek te Leven, te vergeven en te corrigeren.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik bij God moet weten wat liefde is.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb uberhaupt te moeten weten wat liefde is, in plaats van in te zien dat door het zoeken naar liefde ik in constante angst verkeer dat het me niet lukt de liefde te vinden dan wel te delen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf te bevestigen als angst in mijn zoektocht naar liefde, in plaats van mezelf te vestigen een en gelijk als de Adem als Leven door middel van het stoppen van de zoektocht naar liefde, het zien wat ik geworden ben als angst en het zelfvergeven en corrigeren van dat wat ik geworden ben.

Als ik mezelf zie participeren in angst om alleen te zijn en alleen te gaan werken in het nieuwe huis, dan stop ik,ik adem. Ik realiseer me dat deze angst voortkomt uit participatie in de mind. Ik stop met dralen en participeren in de mind en ik sta op en beweeg me naar het andere huis, waar ik fysiek aan het werk ga. Ik adem, en adem voor adem, schilder ik de muren en maak ik schoon.

Ik adem in de angst. Waar ben ik bang voor? Wat geloof ik te verliezen? Wie geloof ik te verliezen?

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb de angst als verlammend te ervaren waardoor ik bijna niet kan werken, in plaats van in te zien dat angst ook als weerstand opkomt, net als backchat en moeheid, alles wat me ervan weerhoudt me hier te bewegen in/als het fysiek en de zaken doe die gedaan moeten worden.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb met iemand te gaan leven voor wie ik geen liefde ervaar, zodat ik ook geen angst hoef te ervaren diegene te verliezen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bij iemand te willen blijven voor wie ik geen liefde ervaar, zodat ik ook geen angst voor verlies hoef te ervaren.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet gelijk te willen gaan staan aan de liefde die ik ervaar voor iemand uit angst de illusie in/als de mind van liefde ervaren voor een ander, te verliezen, in plaats van het inzien van gevoelens als liefde als mogelijkheid te zien om mezelf als mind te stoppen waardoor ik tot Leven kan komen, gelijkstaand als Liefde.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb me af te scheiden van liefde en dit te bevestigen door liefde te ervaren voor een ander.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te blijven participeren in polariteit tussen angst en liefde als zijnde in de mind, zodat ik mijzelf als mind niet hoef te verliezen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bang te zijn mezelf als mind te verliezen, in plaats van gelijk te gaan staan als mezelf als de mind en mezelf te vergeven.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb angst te koppelen aan het mezelf verliezen als mind, in plaats van in te zien dat ik participerend in de mind verloren ben als Leven.

Ik realiseer me dat als ik de illusie van liefde voelen voor een ander in wil zien, ik ook in de illusie kan zien van angst ervaren voor het verlies van de ander, wat me terug brengt bij/in/als mezelf. Het liefde ervaren voor een ander is een mogelijkheid om te zien dat alles wat ik ervaar in/als mezelf is, en zolang ik het projecteer, heb ik me ervan afgescheiden.

Ik verbind mezelf met mezelf door te zien wat ik als gevoelens van liefde projecteer op de ander(= de mind?!), waardoor ik de ander als de mind als illusie wil behouden om de angst niet te ervaren die ik ervaar als ik alleen ben.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb een ander nodig te hebben om liefde voor te voelen om mijn angst voor alleen staan niet te ervaren, in plaats van in te zien dat gaan zien in deze liefde en er gelijk aan gaan staan, de enige manier is om zowel de illusie van angst als liefde te stoppen in/als mezelf.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb de liefde in/als de mind te willen behouden uit angst dat de ander niet hier wil zijn met mij.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het niet hier willen zijn met mij te projecteren op de ander, terwijl ik eigenlijk zeg dat ik niet alleen hier wil zijn met mij en daarom participeer in een ervaring van liefde zodat ik niet alleen hoef te zijn, maar met de ander in/als de mind.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het gevoel te hebben alles verkeerd te doen, wat wellicht zo is, namelijk gekeerd in/als de mind.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf te verwijten alles gekeerd te doen, waardoor ik opeens alleen kom te staan.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bang te zijn dat ik het niet red alleen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb eerlijkheid en zelf-eerlijkheid door elkaar te halen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik de ander pijn doe, in plaats van in te zien  dat de ander zelf verantwoordelijk is voor de stappen die zijn genomen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet te willen dat x gaat maar ook niet met hem samen te willen zijn in een relatie.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het jammer te vinden dat ik niet 100% voor x kan kiezen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb me eenzaam te voelen zonder x.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf kwalijk te nemen dat ik mijn grote mond nooit kan houden waardoor ik alles verpest.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik een grote mond heb die alles verpest.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet te weten wanneer ik moet praten en wanneer ik beter niets kan zeggen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet te weten wanneer ik manipuleer en wanneer iets het beste is.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet te weten of ik nu de mind tussen x en mij heb ingezet, of dat ik dit nu juist gestopt heb.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te veroordelen hoe de dingen lopen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf te veroordelen in het gelijk gaan staan als de mind die ik geworden ben, wat onderdeel is in het proces om mezelf als mind te zien en te stoppen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het gelijk gaan staan aan de mind het liefst over te slaan, en in 1x door te gaan naar mezelf als Leven.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb de situatie niet meer te kunnen sturen in/als de mind, waardoor ik denk dat ik het verpest heb of verkeerd gedaan heb.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb met dubbele tong te praten.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet te weten hoe ik het moet doen zonder de hulp van x.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bang te zijn om hulp te vragen aan andere mensen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te willen dat ik nooit hulp hoefde te vragen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb angst te ervaren om alleen te zijn zonder x.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bang te zijn om te verdwijnen als ik alleen ben zonder x, wat verdwijnen in de mind moet zijn.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bang te zijn dat ik verdwijn in de mind als ik alleen ben, wat niet Al(l)Een is maar alleen als eenzaam in de mind.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb x vast te willen houden en achterop de scooter naar de camping te rijden, waar ik het lijkt of ik geen zelfverantwoordelijkheid hoef te nemen alleen als mezelf.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bang te zijn x kwijt te raken door de keuzes die ik zelf maak.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bang te zijn te verdwijnen in verdriet zonder aanwezigheid van x.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf alleen als angst te kennen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb angst als uitgangspunt te gebruiken voor leven, wat geen leven is maar een programmering volgen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat de programmering als angst echt is, aangezien het voelt alsof het echt is.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat mijn emoties en gevoelens echt zijn.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bijna niet te kunnen ademen van angst.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb me veilig te voelen bij x, hoe onveilig en vervelend het vaak ook is.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb een polariteit van veilig en onveilig te koppelen aan samen zijn met x.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf af te scheiden van veilig zijn in/als mezelf, en hierin mezelf als onveilig te definieren.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf als onveilig te definieren door de aanvallen in/als de mind van emoties van verdriet, angst, twijfel en eenzaamheid.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb verdriet, angst, twijfel en eenzaamheid als onveilig te definieren, in plaats van het te zien zoals het is, ieder op zich een losstaande emotie, voortkomend uit een gedachte/uit gedachtes die ik ergens onderdrukt heb en heb opgeslagen als emotie in het fysiek.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik een man nodig heb om me veilig te voelen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik liefde nodig heb om me veilig te  voelen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb gevoelens van liefde te creeren om me veilig te voelen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mijn gedrag door het uitgangspunt van angst te laten bepalen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb kortaf te worden doordat ik bang ben om alleen te zijn, waarmee ik een situatie creeer waarin ik juist fysiek alleen ben.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik niet aardig tegen x mag doen als ik niet bij hem wil blijven in een man-vrouw relatie

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik geen tijd met x door mag brengen als ik geen relatie met hem wil.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb de tijd die ik doorbreng met x constant af te meten aan wel of geen relatie willen, waardoor ik nooit hier aanwezig ben, constant als mezelf.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het niet te leuk te willen hebben met x omdat ik niet weet of ik bij hem wil blijven.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik bij x moet blijven, dat het mogelijk is om ‘bij’ iemand te blijven, in plaats van een en gelijk als mezelf te zijn in ieder moment, met ieder ander levend wezen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te ervaren alsof ik iets heel ergs ga doen, namelijk alleen staan, waarin ik een enorme angst en verdriet ervaar om alles te verliezen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik iets te verliezen heb als ik alleen ga staan.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het als onveilig te ervaren om alleen naar het nieuwe huis te gaan om te schilderen nu het eenmaal zover is, terwijl ik vorige week ‘ernaar uit keek’ om een dag alleen te schilderen in het nieuwe huis.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb nog adem te halen via een gedachte aan een ander, wat via de mind is.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb adem te halen via participatie in de mind, wat geen ademhalen is als Leven maar mezelf voeden met mind-energie als liefde als medicijn tegen de angst.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat de liefde die ik ervaar in/als de mind leven is, in plaats van zelf een en gelijk als Liefde als Leven te zijn.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bij God niet te weten wat een en gelijk als Liefde als Leven zijn is, in plaats van in te zien dat ik het ook niet bij God kan weten, ik kan het alleen worden door mezelf Hier in het fysiek te Leven, te vergeven en te corrigeren.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik bij God moet weten wat liefde is.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb uberhaupt te moeten weten wat liefde is, in plaats van in te zien dat door het zoeken naar liefde ik in constante angst verkeer dat het me niet lukt de liefde te vinden dan wel te delen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf te bevestigen als angst in mijn zoektocht naar liefde, in plaats van mezelf te vestigen een en gelijk als de Adem als Leven door middel van het stoppen van de zoektocht naar liefde, het zien wat ik geworden ben als angst en het zelfvergeven en corrigeren van dat wat ik geworden ben.

Als ik mezelf zie participeren in angst om alleen te zijn en alleen te gaan werken in het nieuwe huis, dan stop ik,ik adem. Ik realiseer me dat deze angst voortkomt uit participatie in de mind. Ik stop met dralen en participeren in de mind en ik sta op en beweeg me naar het andere huis, waar ik fysiek aan het werk ga. Ik adem, en adem voor adem, schilder ik de muren en maak ik schoon.

Ik adem in de angst. Waar ben ik bang voor? Wat geloof ik te verliezen? Wie geloof ik te verliezen?

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb de angst als verlammend te ervaren waardoor ik bijna niet kan werken, in plaats van in te zien dat angst ook als weerstand opkomt, net als backchat en moeheid, alles wat me ervan weerhoudt me hier te bewegen in/als het fysiek en de zaken doe die gedaan moeten worden.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb met iemand te gaan leven voor wie ik geen liefde ervaar, zodat ik ook geen angst hoef te ervaren diegene te verliezen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bij iemand te willen blijven voor wie ik geen liefde ervaar, zodat ik ook geen angst voor verlies hoef te ervaren.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet gelijk te willen gaan staan aan de liefde die ik ervaar voor iemand uit angst de illusie in/als de mind van liefde ervaren voor een ander, te verliezen, in plaats van het inzien van gevoelens als liefde als mogelijkheid te zien om mezelf als mind te stoppen waardoor ik tot Leven kan komen, gelijkstaand als Liefde.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb me af te scheiden van liefde en dit te bevestigen door liefde te ervaren voor een ander.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te blijven participeren in polariteit tussen angst en liefde als zijnde in de mind, zodat ik mijzelf als mind niet hoef te verliezen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bang te zijn mezelf als mind te verliezen, in plaats van gelijk te gaan staan als mezelf als de mind en mezelf te vergeven.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb angst te koppelen aan het mezelf verliezen als mind, in plaats van in te zien dat ik participerend in de mind verloren ben als Leven.

Ik realiseer me dat als ik de illusie van liefde voelen voor een ander in wil zien, ik ook in de illusie kan zien van angst ervaren voor het verlies van de ander, wat me terug brengt bij/in/als mezelf. Het liefde ervaren voor een ander is een mogelijkheid om te zien dat alles wat ik ervaar in/als mezelf is, en zolang ik het projecteer, heb ik me ervan afgescheiden.

Ik verbind mezelf met mezelf door te zien wat ik als gevoelens van liefde projecteer op de ander(= de mind?!), waardoor ik de ander als de mind als illusie wil behouden om de angst niet te ervaren die ik ervaar als ik alleen ben.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb een ander nodig te hebben om liefde voor te voelen om mijn angst voor alleen staan niet te ervaren, in plaats van in te zien dat gaan zien in deze liefde en er gelijk aan gaan staan, de enige manier is om zowel de illusie van angst als liefde te stoppen in/als mezelf.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb de liefde in/als de mind te willen behouden uit angst dat de ander niet hier wil zijn met mij.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het niet hier willen zijn met mij te projecteren op de ander, terwijl ik eigenlijk zeg dat ik niet alleen hier wil zijn met mij en daarom participeer in een ervaring van liefde zodat ik niet alleen hoef te zijn, maar met de ander in/als de mind.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het gevoel te hebben alles verkeerd te doen, wat wellicht zo is, namelijk gekeerd in/als de mind.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf te verwijten alles gekeerd te doen, waardoor ik opeens alleen kom te staan.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bang te zijn dat ik het niet red alleen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb eerlijkheid en zelf-eerlijkheid door elkaar te halen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik de ander pijn doe, in plaats van in te zien  dat de ander zelf verantwoordelijk is voor de stappen die zijn genomen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet te willen dat x gaat maar ook niet met hem samen te willen zijn in een relatie.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het jammer te vinden dat ik niet 100% voor x kan kiezen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb me eenzaam te voelen zonder x.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf kwalijk te nemen dat ik mijn grote mond nooit kan houden waardoor ik alles verpest.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik een grote mond heb die alles verpest.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet te weten wanneer ik moet praten en wanneer ik beter niets kan zeggen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet te weten wanneer ik manipuleer en wanneer iets het beste is.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet te weten of ik nu de mind tussen x en mij heb ingezet, of dat ik dit nu juist gestopt heb.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te veroordelen hoe de dingen lopen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf te veroordelen in het gelijk gaan staan als de mind die ik geworden ben, wat onderdeel is in het proces om mezelf als mind te zien en te stoppen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het gelijk gaan staan aan de mind het liefst over te slaan, en in 1x door te gaan naar mezelf als Leven.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb de situatie niet meer te kunnen sturen in/als de mind, waardoor ik denk dat ik het verpest heb of verkeerd gedaan heb.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb met dubbele tong te praten.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet te weten hoe ik het moet doen zonder de hulp van x.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bang te zijn om hulp te vragen aan andere mensen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te willen dat ik nooit hulp hoefde te vragen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het ene moment het gevoel te hebben dat alles in orde is, en het volgende moment dat alles instort, en dit alles hangt samen met de al dan niet aanwezigheid en ondersteuning van x.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te willen dat x als leven handelt maar dat ik zelf in/als de mind mag praten.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te praten in/als de mind als wat ik geloof als wat niet het beste is en te handelen als wat ik geloof dat het beste is, waardoor ik steeds verwarring creeer door allerlei mindtalk uit te kramen, wat het onmogelijk maakt om uit te voeren als wat ik geloof dat het beste is of om uberhaupt te zien wat het beste is.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik weet of zie wat het beste is, in plaats van in te zien dat ik in/als de mind geloof te weten/zien wat het beste is, wat niet perse betekent dat dit het beste is als Leven.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb iedere handeling of uitspraak door een beoordeling en nabeschouwing te halen, in plaats van mezelf direct te vergeven en corrigeren zonder oordeel.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb alles wat ik doe steeds in twijfel te trekken door de angst om alleen te staan.

Ik adem. Ik ben Hier. Adem voor adem pak ik op wat gedaan moet worden. Als ik iets niet zelf kan zie ik in het moment wie ik het beste om hulp kan vragen. Totdat het gedaan is.

Als ik mezelf zie participeren in zelf-oordeel en nabeschouwing, dan stop ik, ik adem. Ik vergeef mezelf datgene waarin ik mezelf veroordeel, en stop het nabeschouwen in/als de mind, wat feitelijk een zoeken naar reden/rechtvaardiging is voor wat ik gedaan of gezegd heb. In het toepassen van de zelfvergevingen zal zichtbaar worden wie ik ben geworden als mind, zodat ik gelijk kan gaan staan aan mezelf als mind door mezelf te vergeven.

http://www.desteniiprocess.com

http://www.eqafe.com

http://www.equalmoney.org

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb alles wat ik doe steeds in twijfel te trekken door de angst om alleen te staan.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s