Dag 45 – Vast in het geloof in de projectie van de ander=de mind

Tijdens de voorbereiding van de verhuizing, nog niet eens op de helft, zie ik mezelf doodmoe. Heb ik fysiek zoveel gedaan? Nee, niet direct, behalve elke dag heen en weer reizen. Ik ben moe van een patroon in mezelf. ik ben moe van het beschermen in/als de mind tegen oordelen van andere mensen waarop ik reageer, doordat ik geloofd heb dat de oordelen van andere mensen over mij gaan, en ik nu, zelfs als ik weet dat de oordelen van andere mensen niet over mij gaan, ik wel reageer alsof ze over mij gaan. Beschermen, verstoppen. Ik heb mijzelf als zelfexpressie verstopt zodat ‘ze’ me niet kunnen zien en dus niet kunnen beoordelen. Hierin hoopt ik natuurlijk te voorkomen dat ik werd vastgezet in de oordelen van andere mensen, wat niet werkelijk kan, ik kan alleen mezelf vastzetten in het geloof in deze oordelen. En met het verstoppen van mezelf als zelfexpressie heb ik mezelf pas echt vast gezet, verstopt, en dus verstopping in de darm gecreeerd, waarin ik me verstopt heb.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf vast te zetten in het geloof dat oordelen van andere mensen over mij gaan, in plaats van in te zien dat de oordelen van een ieder over zichzelf gaat.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb moe te zijn, doodmoe, van het verstoppen van mezelf als zelf-expressie.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb de moeheid als weerstand te ervaren tegen zelfs de blogs schrijven, waarin ik mezelf enorm moet pushen om toch te gaan schrijven, terwijl het iets is wat ik over het algemeen graag doe.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik mezelf moet beschermen tegen het oordeel van de ander=de mind in/als de mind.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf niet te kunnen vergeven dat ik een verstopte darm heb gecreeerd door mezelf als zelf-expressie in mijn darm te verstoppen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb tijdens de verhuizing moe te zijn van het ‘in de gaten houden’ van hoe ik me gedraag, dus van het in de gaten houden van mezelf, in plaats van fysiek bezig te zijn en eventueel moe te worden van de fysieke bezigheden.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb pijn te ervaren als een ander zijn/haar oordelen op mij projecteert, waardoor ik weg ga, de mind in.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb liever geen hulp te willen vragen uit angst voor de oordelen van de ander=de mind geprojecteerd op mij.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb weerstand te ervaren tegen het hulp vragen van een ander, wat grotendeels komt door het woordje helpen, waarin het woord hel zit.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het woord hel(pen) te blijven gebruiken in plaats van het woord ondersteuning, waarmee ik mezelf vasthoud in de hel van de mind.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf vast te houden in de hel van de mind door het woord helpen te blijven gebruiken.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb weerstand te ervaren tegen het gebruiken van het woord ondersteunen, waarin naar voren komt dat ik weerstand ervaar tegen ondersteuning algemeen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het liefst alles alleen te willen doen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb dingen verkeerd te doen door niet direct advies aan een ander te vragen, waarna ik mezelf vervolgens veroordeel op het verkeerd doen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf te veroordelen als ik iets verkeerd doe.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat het heel erg is als ik iets verkeerd doe, in plaats van in te zien dat het gewoon iets doen is in/als de mind, dus gekeerd dan Hier als realiteit.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb iets gekeerd doen in/als de mind te definieren als erg, waarmee ik mezelf, levend in/als de mind, definieer als erg.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf leven in/als de mind te definieren als erg.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb geen plek te kunnen vinden in mezelf waar ik tot rust kan komen, wat een ervaring van paniek geeft.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb in paniek te zijn/te participeren doordat ik geen plek in mezelf kan vinden waar ik tot rust kan komen, waardoor ik doodmoe word van mezelf.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het erg te vinden om fouten te maken, waardoor ik geen rust kan vinden in mezelf aangezien ik constant op moet letten of ik geen fout maak waarop ik beoordeeld kan worden.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf mijn fouten niet te kunnen vergeven, aangezien ik geloof dat ik het verpest heb.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik het verpest heb als ik een fout maak.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te ervaren alsof ik be-trapt word als ik een fout maak en iemand ziet dat.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te proberen mezelf onschendbaar te houden/maken door geen fouten te maken, waardoor niemand me kan schenden in beoordeling.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb ziek te zijn van (mijn reactie op) beoordeling en geprojecteerde beoordeling.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb nog steeds te geloven dat ik ziek word van de geprojecteerde beoordeling van de ander(=de mind) in plaats van in te zien dat ik ziek word van/mezelf ziek maak door mijn eigen reactie op de geprojecteerde beoordeling van de ander=de mind, dan wel van de ander, dan wel van mezelf als mind.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet te begrijpen waarom ik mijn reacties op een geprojecteerde beoordeling van de ander=de mind niet gewoon kan stoppen , in plaats van in te zien dat ik daar waar ik reageer, mezelf be/veroordeel dus mezelf niet vergeven heb, wat ik weerspiegeld zie in mijn eigen reactie.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik mezelf niet kan vergeven, waardoor ik niet in mijn eigen reacties wil zien die ik heb op de geprojecteerde beoordeling van een ander, aangezien ik dan in zelf moet zien hoe ik mezelf be/veroordeel dus vastzet in/als de mind, in het geloof dat ik mezelf niet kan vergeven en dus voor eeuwig verbannen ben in/als de mind.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet in zelf te willen zien door het geloof dat ik mezelf mijn oordelen in/als de mind niet kan vergeven, wat teveel pijn doet, en dus blijf ik reageren op de ander=de mind die mij beoordeelt in projectie, om dezelfde reden, namelijk dat die ander niet in zelf wil zien door het geloof dat hij/zij zichzelf niet kan vergeven.

Als ik mezelf zie participeren in reactie op een beoordeling als projectie van de ander=de mind, dan stop ik, ik adem. Ik realiseer mezelf dat ik reageer doordat ik mezelf op dit punt beoordeel, gelovende dat ik mezelf dit punt niet kan vergeven. Ongeacht wat ik geloof, pas ik hardop gesproken zelfvergevingen toe op het punt wat ik als oordeel geprojecteerd krijg waarop ik reageer. Ik realiseer me dat het wachten totdat ik ‘voel’ of ‘geloof’ of ‘ervaar’ dat ik mezelf kan vergeven, geen zin heeft, aangezien ik dan wacht op een accoord van de mind tot het toepassen van zelfvergevingen; iets wat ik als de mind niet zal geven aangezien ik als de mind hierin zal stoppen met bestaan zodra ik werkelijk zelfvergeving toepas. Daarom, hardop toepassen, op wat ik zie in projectie. Hierin zal een opening komen tot het werkelijk vergeving ‘ervaren’ als zelf als Leven, waarin ‘zelfvergeving ervaren’ ‘zelfvergeving leven’ inhoudt, Leven als zelf-vergeving als zelf-expressie.

Ik verbind mezelf met mezelf door het hardop toepassen van zelfvergevingen op mijn reacties op wat ik geprojecteerd krijg als oordeel, ongeacht of ik voel, geloof of ervaar dat ik mezelf kan vergeven. Ik vergeef mezelf. Punt.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb constant met mezelf in discussie te gaan over het feit of ik mezelf wel of niet kan vergeven, in plaats van mezelf te vergeven. Punt.

http://www.desteniiproces.com

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s