Dag 220 – Name the Game

Gedachte: wat als ik straks niet naar het toilet kan.

Emotie: angst, opgeven, ervaring van doodgaan, paniek, schaamte

Gevoel: opluchting

Reacties:

Het gaat me toch niet lukken

Laat maar

Het heeft geen zin

Ik geef het op

Consequenties:

Blijven liggen in bed als ik alleen ben en juist opstaan uit bed als ik niet alleen ben

Alleen willen zijn de ochtend

Niet samen willen slapen

Fysieke consequenties:

Vermoeidheid, lethargie, verkramping darm, pijn darm, niet naar het toilet kunnen, niet in de adem kunnen zijn, willen slapen, kippenvel

Gevolg: niet weten wat ik moet doen

Zelfvergevingen/Zelfcorrecties:

Gedachte:

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te participeren in de gedachte ‘wat als ik straks niet naar het toilet kan’?

Als ik mezelf zie participeren in de gedachte ‘wat als ik straks niet naar het toilet kan’ dan stop ik, ik adem.

Emoties:

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb emoties van angst, opgeven, ervaring van doodgaan en paniek te ervaren als ik participeer in de gedachte ‘wat als ik straks niet naar het toilet kan’ en wederom als ik werkelijk niet naar het toilet kan.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb schaamte te ervaren voor het feit dat ik zo druk ben met de gedachte ‘wat als ik straks niet naar het toilet kan’.

Als ik mezelf zie participeren in emoties van angst, opgeven, een ervaring van doodgaan en paniek, dan stop ik, ik adem. Ik adem in, ik ervaar de specifieke emotie, ik zie waar het aan gerelateerd is, ik maak me gelijk aan de emotie door me niet te verzetten tegen de emotie, ik adem uit, ik laat de emotie gaan, totdat de emotie wegebt en verdwijnt/geabsorbeerd is en gelijkgesteld is aan de fysieke substantie.

Als ik mezelf zie participeren in een emotie van schaamte voor het feit dat ik zo druk ben met de gedachte ‘wat als ik straks niet naar het toilet kan’, dan stop ik, ik adem. Ik stop de emotie van schaamte waarin ik me realiseer dat schaamte geen enkele zin heeft behalve me weghouden van in zelf zien hoe ik deze constructie gemanifesteerd heb in participatie in een programma. ik adem in, ik zie waarvoor ik me schaam, wat hieraan verbonden is en waar ik bang voor ben; ik pas hier een zelfvergeving op toe, ik adem uit en laat de schaamte en eventueel verbonden angst gaan.

Gevoel:

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb opgelucht te zijn als ik wel naar het toilet kan.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mijn dag te laten bepalen door de ervaring van wel of geen opluchting als reactie op wel of niet naar het toilet kunnen.

Als ik mezelf zie verlangen naar de ervaring van opluchting van wel naar het toilet kunnen, dan stop ik, ik adem. Ik realiseer me dat ik mezelf hiermee vastzet in het verlangen naar een gevoel, en als dit niet komt, ik verdwijn in backchat en opgeven en een ervaring van  het is weer niet gelukt’.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te verdwijnen in een ervaring van ‘het is weer niet gelukt’ als ik geen opluchting ervaar ten gevolge van naar het toilet kunnen.

Als ik mezelf zie participeren in een ervaring van opluchting als ik wel naar het toilet kan, dan stop ik, ik adem.  Ik realiseer me dat ik hiermee een ervaring in polariteit creeer voor als ik niet naar het toilet kan.Ik adem in, ik zie waarom ik me opgelucht wil ervaren en wat dit met me doet, ik maak me gelijk aan deze ervaring, ik adem uit en laat de ervaring los.

Reacties:

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te reageren in backchat met gedachten als ‘het gaat me toch niet lukken’.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat het toch geen zin heeft om op te staan aangezien het me toch niet gaat lukken.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te denken ‘laat maar’, en mezelf hierin te laten, waardoor ik wegzak in dit laten in/als bewustzijn in backchat.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het op te geven ten gevolge van de gedachte ‘wat als ik straks niet naar het toilet kan’ welke ik gemanifesteerd heb en dus niet naar het toilet kan, waarin ik het opgeef, en mezelf opgeef in een geloof dat ik het niet kan.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik het niet kan.

Als ik mezelf zie participeren in gedachten als ‘het gaat me toch niet lukken’ en ‘ik kan het niet’, dan stop ik, ik adem. Ik realiseer me dat deze gedachten de ervaring van ‘het heeft toch geen zin om op te staan’ en een algemeen ‘het heeft toch geen zin’ creeert zolang ik geloof dat ik het niet kan en participeer in gedachten als dat ik het niet kan, wat inderdaad geen zin heeft. Ik stop, ik adem. Ik adem in, ik zie of er iets omhoog komt in relatie tot ‘het heeft toch geen zin’, ik adem uit en laat de gedachte gaan.

Ik stel mezelf ten doel door de ervaring van ‘het heeft toch geen zin om op te staan aangezien het me toch niet gaat lukken’ heen te ademen in de ochtend en op te staan en mezelf hierin richting te geven. Ik ga zitten op de rand van mijn bed en zie in mezelf welke ervaring maakt dat ik het liefst mijn hoofd onder de dekens wil doen om nooit meer wakker te worden. Indien nodig schrijf ik op wat er in me speelt.

Consequenties:

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb in bed te blijven liggen als ik alleen ben en juist op te staan als ik niet alleen ben ten gevolge van participatie in de gedachte ‘wat als ik straks niet naar het toilet kan’.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb alleen te willen zijn in de ochtend ten gevolge van participatie in de gedachte ‘wat als ik straks niet naar het toilet kan’.

Ik stel mezelf ten doel alleen te zijn in de ochtend zolang ik me niet in staat voel samen te zijn in de ochtend en ik eerst alleen mezelf richting geef in het opstaan en stoppen van participatie in gedachten, totdat ik me iets rustiger voel en het aan durf om met een ander te zijn in de ochtend.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb me te schamen over mijn spastisch gedoe in mezelf als reactie op een spastische darm welke zich het meest aandient in de ochtend, waarin ik elke ochtend een strijd ervaar in mezelf, van wel aandrang voelen, niet kunnen poepen, of misschien wel kunnen poepen, of misschien een beetje kunnen poepen, of misschien koffie nodig hebben om te kunnen poepen.

Ik stel mezelf ten doel mijn schaamte over hoe ik me spastisch gedraag als reactie op een spastische darm te stoppen. ik realiseer me dat het ten eerste een lastige constructie is, waarbij fysieke pijn een rol is gaan spelen welke al jaren aanwezig is, en waar ik dus niet zomaar gemakkelijk mee omga.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik gemakkelijk moet omgaan met en constructie welke mijn hele leven heeft bepaalt tot nu toe, waarin ik nog nooit werkelijk ben opgestaan, en me vervolgens te schamen als me dat niet gemakkelijk lukt, terwijl dit het probleem is waar de hele mensheid tegenaan loopt, waarvan het grootste deel het niet eens aan wil gaan. Ik realiseer me dat dit geen excuus is, maar dat het dus zeker geen zin heeft om me te schamen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb angst te ervaren dat het me niet lukt, dat ik opsta in een wereld die er vanuit gaat dat het niet lukt, en dat ik uiteindelijk moet toegeven, nee inderdaad, het lukt niet.

Als ik mezelf zie participeren in een angst dat het niet gaat lukken op te staan in een wereld en in mezelf die er vanuit gaan dat het toch niet lukt, dan stop ik, ik adem. Ik realiseer me dat ik bang ben voor mezelf in/als oordeel, die opkomt als het me niet lukt en waarin ik er vanuit ga dat het niet lukt. In plaats van mezelf te ondersteunen in het opstaan, val ik mezelf aan met sabotage als bewijzen die ik telkens moet overwinnen om te bewijzen dat het wel kan en kan lukken. Ik stop, ik adem. Ik realiseer me dat ik de pijn in mijn fysiek opwerp als opgeslagen bewijzen dat het me toch niet lukt, waarin ik steeds toegeef in geloof in deze bewijzen en hierin opgeef door in gedachten en emoties te gaan. Omdat het fysiek het aangeeft maakt dit het moeilijker, aangezien het lijkt of dit is zoals het fysiek kan leven, in plaats van in te zien dat dit is wat zich gemanifesteerd heeft/ik gemanifesteerd en toegestaan heb in de fysieke mind, wat ik keer op keer niet in heb willen zien en hiermee verergerd heb.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet te weten hoe mijn aandacht te verdelen over mezelf die druk is met de gedachte ‘wat als ik straks niet naar het toilet kan’? en communicatie met een ander, waardoor ik liever alleen ben in de ochtend.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet samen te willen slapen door participatie in de gedachte ‘wat als ik straks niet naar het toilet kan’.

Ik stel mezelf ten doel pas samen te slapen als ik alleen in staat ben mezelf richting te geven in de ochtend en me stabiel genoeg ervaar om mezelf richting te geven in het stoppen van gedachten die opkomen als ik samen zou slapen.

Als ik mezelf zie participeren in gedachte ‘wat als ik straks niet naar het toilet kan’ gerelateerd aan samen slapen, dan stop ik, ik adem. Ik realiseer me dat ik participeer in een toekomstprojectie welke de klachten in het moment verergeren door participatie in gedachten in de geest/het bewustzijn. Ik stop, ik adem, ik ervaar de angst en zie waarom deze gedachte nu opkomt, zodat ik hier zelfvergeving op toe kan passen. Ik adem uit en laat de gedachte en eventuele angsten gaan.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet te willen dat iemand mijn buik aanraakt als ik niet naar het toilet kan.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb de neiging te ervaren om te willen gaan slaan als iemand mijn buik aanraakt als ik niet naar het toilet kan.

Als ik in mezelf de neiging zie om te gaan slaan als iemand mijn buik aanraakt, dan stop ik, ik adem. Ten eerste realiseer ik me dat niemand mijn buik aanraakt in het moment van de voorstelling maar dat het maar een voorstelling is en dat ik dus direct kan stoppen met deelnemen aan deze voorstelling; ten tweede realiseer ik me dat als iemand wel mijn buik aanraakt als ik niet naar het toilet kan, ik kan vragen hiermee te stoppen of ik de hand kan verleggen naar een plek waar het wel prettig is.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb wel te samen te willen slapen als ik gewoon gemakkelijk naar het toilet zou kunnen in de ochtend.

Als ik mezelf zie participeren in een gedachte dat ik wel samen wil en kan slapen als ik gewoon gemakkelijk naar het toilet kan, dan stop ik, ik adem. Ik realiseer me dat ik altijd kan beslissen samen te slapen als ik hier klaar voor ben en mezelf richting kan geven in het stoppen van participatie in gedachten en in de gedachte ‘wat als ik straks niet naar het toilet kan’.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf niet te kunnen verdragen als ik niet naar het toilet kan en dus helemaal niet weet wat ik met een ander om me heen moet als ik niet naar het toilet kan.

Ik stel mezelf ten doel eerst mezelf te verdragen als ik niet naar het toilet kan voordat ik met een ander om me heen ben in de ochtend.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb jaloers te zijn op mensen die gemakkelijk naar het toilet gaan, en als dit gebeurt als ik niet naar het toilet kan, kan ik mijn eigen jaloersheid niet verdragen als ik zie dat een ander gemakkelijk naar het toilet kan en ik loop te struggelen in mezelf en me fysiek zo ongemakkelijk voel.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het oneerlijk te vinden dat een ander gemakkelijk naar het toilet kan en ik niet.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het wederom op te geven als ik zie dat een ander gemakkelijk naar het toilet kan en ik niet, in een geloof dat het me nooit gaat lukken ook gemakkelijk naar het toilet te gaan.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet te kunnen accepteren dat ik niet gemakkelijk naar het toilet kan, waarin ik mezelf belet mezelf te vergeven.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf niet te kunnen vergeven dat ik niet gemakkelijk naar het toilet kan.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb zo boos te zijn op mezelf dat ik niet gemakkelijk naar het toilet kan , waarin ik mezelf in deze boosheid nog meer verkramp en verhard en juist moeilijker naar het toilet kan.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb me zo minderwaardig te voelen doordat ik niet gemakkelijk naar het toilet kan en een ander wel.

Ik stop met vergelijken van mezelf met een ander aangezien dit geen enkel doel dient behalve mezelf minderwaardig maken in/als bewustzijn, wat slechts een minderwaardig maken als onderdrukken is van mezelf door participatie in de geest/het bewustzijn, waarin ik wederom een ervaring creeer van ‘het heeft geen zin’, wat ook zo is, het heeft geen enkele zin.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet te zien hoe ik vrede kan hebben met mezelf die niet gemakkelijk naar het toilet kan, ik kan het gewoon niet accepteren.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik moet accepteren dat ik niet gemakkelijk naar het toilet kan, in plaats van in te zien dat ik mezelf kan vergeven dat ik niet gemakkelijk naar het toilet kan en dat ik kan zien wat binnen mijn bereik ligt om zo goed mogelijk naar het toilet te kunnen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf te saboteren met de gedachte ‘wat als ik straks niet naar het toilet kan’.

Fysieke consequenties:

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb vermoeidheid en lethargie te ervaren als ik niet naar het toilet kan en deze vermoeidheid en lethargie te creeren in participatie in de gedachte ‘wat als ik straks niet naar het toilet kan’.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb de verkramping en pijn in de dikke darm te verergeren door participatie in de gedachte ‘wat als ik straks niet naar het toilet kan’.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb een verergering van niet naar het toilet kunnen te creeren door participatie in de gedachte ‘wat als ik straks niet naar het toilet kan’, door in gedachten door te brengen en het bewustzijn hierin te versterken, waarin ik mezelf meer vastzet in mijn bewustzijn in de dikke darm, waardoor ik langer blijf liggen in bed en weer in slaap val en hierin opnieuw mijn bewustzijn versterk door te lang te slapen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te willen slapen om te ontkomen aan de afschuwelijke ervaring van niet naar het toilet kunnen welke ik versterk of zelfs recreeer? in participatie in de gedachte ‘wat als ik straks niet naar het toilet kan’.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te recreeren als mezelf te vermaken, vervormen dus, in participatie in gedachten en specifiek in de gedachte als ‘wat als ik straks niet naar het toilet kan’.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf te vervormen in participatie in gedachten en hierin een geloof te creeren dat ik het niet meer kan veranderen, deze vervorming, aangezien ik het al vorm gegeven heb in mijn  fysiek dus in de fysieke werkelijkheid.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf onderhevig te maken aan mijn eigen vervormde fysieke werkelijkheid en hierin een ervaring van minderwaardigheid te creeren, waarin ik mezelf ga vergelijken met mensen in deze fysieke werkelijkheid die deze ervaring niet creeren en hierin in mijn ogen beter lijken en het beter voor elkaar hebben dan ik.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik niet in de adem kan zijn als ik niet naar het toilet kan, aangezien ik als ik in de adem ben, ieder moment de fysieke pijn ervaar, in plaats van in te zien dat ik niet in de adem kan zijn zolang ik participeer in de gedachte ‘wat als ik straks niet naar het toilet kan’ en andere gerelateerde gedachten.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb kippenvel te ervaren van de pijn en het ongemak die ik in mezelf ervaar.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet te kunnen geloven dat dit me overkomt, dat ik weer opnieuw niet naar het toilet kan.

Ik realiseer me dat ik mijn participatie in gedachten, gevoelens en emoties kan stoppen gerelateerd aan het wel of niet naar het toilet kunnen.

Ik realiseer me dat de pijn zich aandient om in te zien en tevens als sabotage om niet in zelf te hoeven zien. In plaats van te schrikken van de pijn, stop ik, ik adem. Ik weet dat er niets ernstigs aan de hand is en dat ik mijn voeding en eventuele supplementen zo weet toe te passen dat ik het fysiek ondersteun in het uitzoeken van deze constructie. Ik realiseer me dat het aan mij is om hierin op te staan, ook al zie ik nog niet exact hoe.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb steeds te proberen mijn fysiek op orde te krijgen zonder de participatie in gedachten, gerelateerd aan het fysiek, werkelijk te stoppen. Dus wat ik kan doen is mijn participatie in gedachten gerelateerd aan de fysieke toestand, stoppen. Ik realiseer me dat ik de oorzaak wil weten zodat ik die kan stoppen, en dus blijf zoeken naar de oorzaak, in plaats van te werken met wat hier is en wat zich aandient, en hierin te stoppen met participeren. Ik kan werken met de relaties die ik gelegd heb met het probleem welke wel zichtbaar zijn, waarin het probleem tevens wordt aangepakt zonder dat de oorzaak direct zichtbaar is.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb weerstand en angst te ervaren om te werken met wat hier is als relaties die ik gelegd heb met de fysieke toestand als niet naar het toilet kunnen/angst om niet naar het toilet te kunnen, waarin ik me realiseer dat ik als geest bewustzijn systeem angst en weerstand omhoog gooi in de wetenschap niet te kunnen blijven bestaan in participatie in/als energie als ik werkelijk de relaties ga stoppen in/als mezelf.

Gevolg:

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet te weten wat ik moet doen als ik me fysiek miserabel voel en pijn ervaar van het niet naar het toilet kunnen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bij elke stap die ik zet eraan herinnerd te worden dat ik niet naar het toilet kan door de pijn en het ongemak die het bewegen geeft met een volle en verkrampte darm.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet lekker en voldoende te kunnen eten ten gevolge van een volle en verkrampte darm.

Dus, Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet te kunnen eten en bewegen als ik een verkrampte, volle darm heb, zonder ieder moment te worden herinnert aan de pijn en het ongemak in mijn fysiek, waarop ik in gedachten en emoties reageer, en ten gevolge hiervan niet te weten wat ik moet doen, behalve liggen maar dan val ik in slaap, waarin de geest drukker wordt.

Hierin zie ik dus het belang van het voorkomen van deze toestand, wat me tot nu toe niet effectief gelukt is.

Ik stel mezelf ten doel ondersteuning te vragen aan Sunette in het voorkomen van deze toestand en in het doorlopen van deze consequenties.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf te laten bepalen en vastzetten door de consequenties die ik creeer en gecreeerd heb, en hierin zoveel paniek en ‘niet weten’ te ervaren dat ik er radeloos van word.

Ik stel mezelf ten doel de rede te stoppen in/als gedachten welke ik ervaar in radeloosheid, en in plaats hiervan hier aanwezig te zijn, ook al weet ik niet wat ik moet doen. Ik realiseer me dat ik me radeloos ervaar in een geloof dat ik er niets aan kan veranderen, dat ik het verpest heb. Ik stop, ik adem in de ervaring van radeloosheid, ik stel me gelijk aan de ervaring van radeloosheid, ik pas eventueel een zelfvergeving toe, ik adem uit en geef de energie terug aan mijn lichaam die ik verspil in participatie in de emotie van radeloosheid en in emoties algemeen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb de fysieke consequentie opnieuw te creeren, waarin ik zie dat het me niet duidelijk is hoe ik dit doe, dat ik het iets meer begin te zien maar waardoor ik het nog niet heb kunnen voorkomen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf kwalijk te nemen dat ik opnieuw de fysieke consequentie heb gecreeerd.

Trading with Death

———————————————————————————————————————————–

Proces van zelfverandering:
www.desteniiprocess.com / http://www.lite.desteniiprocess.com
Mogelijkheid tot wereldverandering met gelijke kansen voor ieder-een:
www.equalmoney.org
Proces van relatie naar agreement:
www.desteniiprocess.com/courses/relationships
Zelfeducatie waarin financiele ondersteuning voor een wereld in gelijkheid:
www.eqafe.com
Zelfeducatie free:
www.eqafe.com/free
www.desteni.net
Journey to Life:
7 jaar dagelijks schrijven
7 jaar dagelijks schrijven – Dag 1 – Van ziel naar Leven
http://www.facebook.com/groups/journeytolife/
video: 2012: Nothingness – The 7 year process Birthing Self as Life

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s