Dag 576 – Reacties uit het ‘niets’ en de oorlog binnenin

Draaikolk

Na het luisteren van twee interviews wordt me duidelijker hoe we, als we plotseling in een hevige reactie schieten als er iets gedeeld wordt, niet zozeer ‘niet willen horen’ wat er gedeeld wordt maar dat we in en als de geest, onszelf proberen in stand te houden als hoe we onszelf kennen om zogenaamd ‘de rust’ te bewaren in en als onszelf en hierdoor horen we feitelijk helemaal niet wat er dan gedeeld wordt. Zolang we niet leren om ‘deze rust’ in onszelf, als stabiliteit te creëren, zullen we ons blijven verzetten tegen verandering in onszelf omdat dit altijd een ervaring van ‘onrust’ activeert in en als de geest. En die nieuwe informatie waar we ons tegen verzetten en in ‘onrust’ op reageren, bevat nu juist vaak de informatie waarmee we onszelf kunnen leren te stabiliseren. Echter dit horen we dus niet door ons verzet. Zo hebben we onszelf ingesloten in en als de geest en een ‘verzekering’ ingebouwd dat we nieuwe informatie buiten de deur houden door heel hevig te reageren en zo onszelf en eventueel een ander, af te leiden en af te schrikken in en als een ervaring van: ‘daar moeten we niet wezen’.

Dit zit heel gedetailleerd in elkaar en alleen wijzelf kunnen binnenin onszelf, de details gaan zien door de toepassing van het uitschrijven van wat er gebeurt in onszelf, in en als de geest als we in reactie ‘schieten’ en feitelijk, gaan schieten op hetgeen deze reactie activeert. En zo hebben we een kleine oorlog binnenin onszelf die zich levensgroot gemanifesteerd heeft op aarde, waar we ons allen in zekere zin, verdedigen en van hieruit, aanvallen, onderdrukken, manipuleren, chanteren, dit alles om onze ‘rust’ te behouden zoals we onszelf kennen en zoals we aangeleerd hebben, in en als de geest via de manier waarop we zijn opgevoed, binnen de cultuur waarin we zijn opgegroeid.

Een interessant gegeven. Ik merk zelf dat ik weer neig te reageren op de reactie van een ander en dat ik er tevens naar neig om niets mee te delen aangezien dit weleens ‘een reactie uit kan lokken’ met projecties naar mij gericht die zogezegd, niet zo aangenaam zijn als ik me niet heel goed realiseer dat het niet over mij gaat maar over degene zelf (in en als de geest) die ze uit. In deze projecties, ter verdediging van onszelf in en als de geest, komt namelijk veelal het meest lelijke in onszelf naar boven, zo plotseling vanuit het niets, zo lijkt het. Een soort demonische uiting van het diepst verborgene in onszelf, datgene wat we onderdrukt hebben en niet onder ogen durven zien in en als de geest en vooral, wat we nooit geleerd hebben om onder ogen te zien en hoe hiermee om te gaan en hoe onszelf hierin te vergeven. Dus is wegdrukken het enige wat we als oplossing kennen.

In de fase van het wandelen van de quantum physical, het quantum fysieke zullen dit soort reacties veelal tot uiting komen en is het belangrijk om onszelf hierin te stabiliseren en wat ik zelf vooral merk, om te leren om niet opnieuw te gaan reageren als er zo’n reactie opkomt bij een ander, zogenaamd gericht op mij. Ook wil ik zelf gaan leren om niet te vermijden om de principes en het gereedschap waarmee we onszelf kunnen leren ondersteunen en bevrijden, te delen op een manier waarin ik de ander in overweging neem zodat ik niet onnodig hevige reacties uitlok. Als er in één keer teveel ‘getriggerd’ of geactiveerd wordt, kunnen we werkelijk lelijk en zelfs gevaarlijk uit de hoek komen, afhankelijk van hoe we onze verdedigingsmechanismen hebben opgebouwd en aangeleerd en van hieruit, fysiek geleefd hebben want in de wereld waarin we nu bestaan, hebben we deze mechanismen in en als de geest, fysiek gemanifesteerd en dus van hieruit geleerd om deze verdedigingsmechanismen en aanvalstechnieken fysiek toe te passen, dan wel in woorden, dan wel in fysieke handelingen. We kunnen niet ‘in één keer’ het gehele geestbewustzijnssysteem onder ogen zien, dat zou een soort van kortsluiting betekenen, zeker als we niet begrijpen wat er gebeurt binnenin onszelf, in en als deze reacties aangezien we onszelf in en als het geestbewustzijnssyteem, geintegreerd hebben in en als ons fysiek. Het is dus een heel proces om onszelf hierin te ondersteunen in het langzaam bevrijden van de aangeleerde, onderdrukkende en onderdrukte patronen en mechanismen en zo te leren om een ander werkelijk in overweging te nemen als onszelf en van hieruit te delen en leven als voorbeeld.

Overigens komt de weerstand om te veranderen, ook op andere manieren naar voren, veel subtieler bijvoorbeeld in een ‘gewoon iets niet toepassen’ zonder hier werkelijk gewaar of zelfs bewust van te zijn, van het feit dat we iets onbewust-doelbewust niet oppakken.

Tot zover wat ik me realiseer na het luisteren van de interviews.

Sounding Self Forgiveness – Reptilians – Part 364

Quantum Physical Reactions – Reptilians – Part 365

Equality

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb te denken en geloven dat iemand niet wil horen wat ik uitspreek  – een toepassing van het stoppen met oordelen van iets of iemand anders buiten onszelf, ook al betreft het een onbekende in één of ander youtube-filmpje  – en hierin zelf in onbegrip te gaan doordat ik bezig ben met het proberen te begrijpen vanuit mijn gedachte als interpretatie, dus vanuit mijn eigen ‘oordeel’ (oordeel als persoonlijke interpretatie in en als mezelf als geestbewustzijnssysteem ter behoud van de controle in en als mezelf, in en als de geest in gedachten, gevoelens en emoties) van een reactie van een ander waardoor ik niet zie, realiseer en begrijp dat degene die reageert, helemaal niet bezig is met hetgeen ik uitspreek maar dat diegene met name bezig is om zichzelf te verdedigen en behouden in en als de geest, in en als een zelfbehoud in angst voor de hevige emotionele reacties die ‘plotseling’ opkomen binnenin zelf, in onbegrip van zelf.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dus te reageren op mijn eigen gedachte als persoonlijke interpretatie als ‘oordeel’ over een reactie van een ander en zo, niet volledig toepas en leef wat ik feitelijk aan het delen en uitspreken ben ‘tegen de ander’ en in en als deze onvolledige toepassing van mezelf, dus in afscheiding van mezelf in zelfbegrip als leven, een ander ‘uitlok’ of trigger, activeer in het opkomen van een reactie als verdedigingsmechanisme op het ‘oordeel’ als energetische lading dat nog meereist in mijn woorden en dus voornamelijk – of zelfs alleen – de energetische lading wordt opgevangen door een ander.

Als en wanneer ik mezelf zie reageren op een reactie van een ander op woorden waarin ik spreek over het stoppen van een oordeel, dan stop ikzelf, ik adem.

Ik realiseer me dat zolang ik reageer, ikzelf in en als een gedachte als oordeel als persoonlijke interpretatie deelneem en dat ik hier vanuit niet in staat ben tot begrip en vergeving van mezelf en/als een ander doordat ik de reactie persoonlijk interpreteer en persoonlijk maak hierin.

Ik stel mezelf ten doel te onderzoeken wat hetgeen is dat ik persoonlijk interpreteer als gedachte waar ik zelf op reageer en mezelf hierin te vergeven.

Ik stel mezelf ten doel me direct te realiseren dat ik me niet gewaar was/ben van de staat waarin ik gesproken heb als ik een reactie als ‘onverwacht’ ervaar en dus, is het aan mezelf om meer gewaar te zijn in en als mezelf van energie als gedachten, gevoelens en emoties waarin ik verkeer en/of die op de achtergrond aanwezig zijn binnenin mij.

Ik stel mezelf ten doel mezelf eerst te vergeven voor de aanleiding van de staat waarin ik woorden spreek/gesproken heb en voor de ‘reden’ hierin waardoor ik denk dat ik op deze manier tegen een ander kan spreken.

Ik stel mezelf ten doel mezelf te stoppen in het deelnemen en geloven in aannames binnenin mezelf van hoe ik wel of niet tegen iemand kan spreken gebaseerd op onderlinge verhoudingen en te zien en zelfvergeven waarvoor ik bang ben om te verliezen binnen deze verhouding wat maakt dat ik spreek in en als angst als oordeel in afscheiding van mezelf.

Ik stel mezelf ten doel de verhouding met mezelf op te schonen door de energetische ladingen die ik heb opgeslagen binnenin mijzelf, in en als mijn fysiek, in klank te brengen in zelfvergevingen en de woorden van een ander waar ik op reageer, te gebruiken als aanwijzing van waar ik mezelf meer kan stabiliseren, waar ik angst als oordeel als persoonlijke interpretatie te vergeven heb binnenin mezelf en te zien welke gedachte ik hierin ooit heb aangemaakt, heb opgeslagen en vervolgens geloof en leef/geleefd heb alsof het werkelijkheid is.

Ik stel mezelf ten doel mezelf steeds opnieuw te herinneren dat een oordeel simpelweg een persoonlijke interpretatie inhoudt in en als een (aangenomen of aangemaakte) gedachte en dat het niet nodig is om dit persoonlijk te ervaren maar dat dit komt door gekoppelde energetische ervaringen als gevoelens en emoties die ik mezelf kan vergeven en waarvan ik mezelf op deze manier kan bevrijden.

Ik stel mezelf ten doel mezelf te stoppen in het leven van het geloof in en als mijn innerlijke reacties en niets te doen zolang ik in reactie ben en dus in onduidelijkheid over wat er gaande is, behalve in mezelf zien, mezelf omarmen en mezelf vergeven wat er opkomt om zo helderheid en begrip te realiseren in en als mezelf.

Voor wie de toepassing wil leren om zichzelf te leren kennen in zelfoprechtheid om van hieruit zelf te vergeven, corrigeren, veranderen en stabiliseren:

Desteni I Process – Lite

DIP Lite————————————————————————————————————————————-

Mogelijkheid tot wereldverandering met gelijke kansen voor ieder-een:
Leefbaar Inkomen Gegarandeerd:
https://www.facebook.com/BasisinkomenGegarandeerdDoorEqualLifeFoundation
Equal Life Foundation:
https://www.facebook.com/EqualLifeFoundation
Proces van zelfverandering:

www.desteniiprocess.com
www.lite.desteniiprocess.com  GRATIS ONLINE CURSUS MET BUDDY
Proces van relatie naar agreement:
www.desteniiprocess.com/courses/relationships
Zelfeducatie free:
www.eqafe.com/free
www.desteni.net
www.desteni.org
Journey to Life:
7 jaar dagelijks schrijven
7 jaar dagelijks schrijven – Dag 1 – Van ziel naar Leven
http://www.facebook.com/groups/journeytolife/
video: 2012: Nothingness – The 7 year process Birthing Self as Life
De Desteni Boodschap – Wat doen we ermee?:
https://ingridschaefer1.wordpress.com/2013/02/13/dag-235-de-desteni-boodschap-wat-doen-we-ermee/
Zelfvergeving als Toegift aan jeZelf:
https://ingridschaefer1.wordpress.com/2013/05/20/dag-299-zelfvergeving-als-toegift-aan-jezelf/

Advertenties

Dag 31 – Niets doen, vechten en vluchten.

Ik zat vanochtend met Casper het konijn op het aanrecht; hij zat op het aanrecht omdat hij op dit moment anti-biotica krijgt tegen blaasontsteking, iets waarvan ik zie dat hij het niet leuk vindt, zo’n spuitje met vloeistof in zijn mond. We doen dit al even, en hij zit er rustig bij. Er kwam een gevoel van plaatsvervangende kwetsbaarheid in me omhoog wat ik op hem projecteerde, omdat hij er ogenschijnlijk zo gelaten bij zat. Wat ik als een soort van ‘zielig’ bestempelde. mmm hier gaat iets niet gelijk, mijn emotie op hem projecteren. Hij zit daar gewoon, als zichzelf in het moment. En opeens zag ik, wat moet hij anders doen dan heel dicht in/als zichzelf blijven zitten in een moment waar hij iets ondergaat wat niet zo leuk is? Heel druk gaan reageren uit protest? Is het zielig om een en gelijk in/als zelf als Leven te blijven in ieder moment? En ik zag in mezelf, ik draai de boel om.

Ik ga heel veel reageren als ik iets niet leuk vind, dan wel van binnen dan wel van buiten, waardoor ik mezelf totaal verlam en belandt in het ‘niets doen’, voortkomende uit deze verlamming, niet in staat mezelf te bewegen.

In plaats van: als er een reactie in me opkomt, hier ‘niets mee doen’ als zijnde reageren, maar doorademen en de reactie stoppen en indien nodig zelfvergevingen toepassen. Zo verlam ik mezelf niet in een hoeveelheid aan reacties en kan ik bewegen als mezelf.

Ik ben totaal geprogrammeerd dat ik me moet verdedigen, vechten of vluchten. Waardoor ik mezelf juist kwetsbaar maak in/als de mind.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik moet vechten of vluchten om mezelf veilig te stellen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb me verdrietig te voelen omdat ik geloof dat ik moet vechten of vluchten, en mijn hele leven ben gevlucht voor het vechten.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat een relatie gebaseerd is op vechten, dat dit de relatie levend houdt, in plaats van in te zien dat een relatie niet levend gehouden hoeft/dient te worden aangezien dit energie genereert in/als de mind.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik iemand nodig heb die even sterk is als ik om mee te vechten, in plaats van gelijk te gaan staan als mezelf als die ik geworden ben, wat inhoudt dat ik ‘even sterk’ dien te zijn als mezelf.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mijn hele leven met mezelf als mind heb lopen vechten, wat zich weerspiegelt in het vechten met de ander(=de mind).

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb verdriet te ervaren bij het stoppen van de relatie in/als de mind.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat het vechten met de ander en vervolgens dit overwinnen, intimiteit inhoudt, in plaats van in te zien dat dit intimiteit ervaren is via de ander=de mind, waardoor we afhankelijk blijven van de ander=de mind, wat op den duur omslaat in afwijzing van de ander=de mind, aangezien de mind leeft als polariteit. De ervaring van intimiteit komt voort uit het feit dat de ander dingen ziet die niet leuk zijn en toch blijft, waardoor we waardering ervaren via de ander, in plaats van onszelf te zien zoals we zijn en onszelf te vergeven, waarin zelf-intimiteit ontstaat.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb zoveel te reageren in/als de mind dat ik mezelf verlamd heb en beland ben in niets doen, in plaats van niets te doen met de reacties in/als de mind als zijnde reageren, en in plaats van reageren door te ademen en zelfvergevingen toe te passen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb in deze reacties een emotioneel reactiepatroon ontwikkeld te hebben, waardoor ik nu geloof dat ik mezelf niet kan stoppen zodra dit reactiepatroon aangaat.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf te ervaren als een reageerbuisbaby, niet in staat mezelf te stoppen in het reageren op de ander=de mind, machteloos overgeleverd aan de ander=de mind als een baby.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik machteloos ben overgeleverd aan de ander=de mind.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mijn emoties te projecteren op Casper, waardoor hij wellicht blaasontsteking laat zien, ook al doe ik mijn best om mijn emoties in mezelf te houden als ik bij hem in de buurt ben.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bij Casper in de buurt mijn emoties direct te stoppen, en bij x in de buurt mijn emoties de vrije loop te laten.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mijn emoties bij x in de buurt de vrije loop te laten aangezien ik geloof dat dit gerechtvaardigd is omdat x zich ook voortbeweegt als mind-systeem, en ik geloof hier niet tegenop te kunnen als ik me niet voort beweeg als mind-systeem.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf aan te passen aan de ander om me heen, dan wel aan de ander als leven, dan wel aan de ander als mind, waardoor ik Zelf niet constant ben als Leven maar afhankelijk van mijn omgeving.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik tegen een mind-systeem op moet kunnen, wat een vorm van vechten is, in plaats van het mind-systeem op te ruimen door het te stoppen in mezelf, waardoor ik er gelijk aan kan gaan staan in plaats van ertegen op te kunnen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb ertegenop kunnen te verwarren met gelijk gaan staan aan, waarin ertegenop kunnen is het proberen gelijk te worden als de ander, en het gelijk gaan staan aan is het gelijk worden als mezelf.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf te definieren naar/als de ander (=de mind).

Als ik mezelf zie participeren in een gevecht in/als de mind, dan wel in mezelf, dan wel met de ander, dan stop ik, ik adem. Ik realiseer me dat ik aan het proberen ben gelijk te worden aan de ander om gelijkheid te bereiken, in plaats van gelijk te staan in/als mezelf, waarin ik geen gelijkheid hoef te bereiken als zijnde uitreiken naar gelijkheid buiten mezelf, maar waarin ik gelijk ben in/als mezelf in datgene wat ik op dat moment zie in mezelf, al dan niet met het toepassen van zelfvergevingen. Het heeft geen zin me te verdedigen aangezien ik in gevecht ben met mezelf als de mind, en het vechten geeft altijd een winnaar en verliezer, tussen welke ik blijf wisselen als ik het gevecht voortzet.

Ik stop het vechten in/als/met mezelf door het toepassen van zelfvergevingen op datgene waar ik tegen vecht in mezelf, wat betekent dat ik mezelf ervan heb afgescheiden, anders kan ik er niet tegen vechten.

Ik verbind mezelf met mezelf door te zien dat ieder gevecht een gevecht is in/als/met mezelf, wat mezelf de mogelijkheid geeft het gevecht in/als mezelf te stoppen.

Ik Adem. In ieder gevecht in/als/met mezelf.

Dag 26 – Ik stop ermee

Ik stop ermee, me druk maken over de ander die gaat goed praten wat er gebeurd is. Ik stop met me druk maken, ik stop met verwachtingen creeren over een ander, ik stop met me bemoeien met de ander. Ik bemoei me met mezelf; ik stop zelf met goed praten wat er gebeurd is.
Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb iedere keer opnieuw teleurgesteld te zijn als de ander eerst in zelf ziet en vervolgens alles goed gaat praten met excuses.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb iedere keer teleurgesteld te zijn als ik zelf eerst in zelf zie en vervolgens alles goed praat met excuses.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb constant op de ander=de mind te vertrouwen, in plaats van constant te zijn als Zelf als Leven en hierin Zelf te vertrouwen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb een ander nodig te hebben om te kunnen vertrouwen, in plaats van te leven in/als Zelfvertrouwen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb steeds opnieuw verbijstering te ervaren als de ander=de mind met excuses aan komt.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het moeilijk te vinden samen te werken als de ander=de mind met excuses aankomt.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het moeilijk te vinden om alleen te staan zonder bevestiging van de ander=de mind.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb telkens te geloven dat de relatie nu echt gaat lukken, dat we nu echt kunnen samenwerken, om er vervolgens achter te komen dat de ander=de mind aan het liegen is.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb constant te liegen in/als de mind(=de ander) door de ander te bekritiseren en niet een en gelijk als zelf te staan, onafhankelijk van wat de ander zegt of doet.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het echt niet te kunnen begrijpen wat er nu gebeurt, waarom de ander=de mind opeens het verhaal gaat goed praten, in plaats van in te zien dat ik zelf ga bekritiserenwaarmee ik wellicht een reactie van goedpraten uitlok.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb genoeg te hebben van het luisteren naar goedpraten.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb genoeg te hebben van mezelf die probeert de ander te corrigeren die goedpraat, in plaats van in te zien dat met het bekritiseren van het goedpraten ik mijn eigen bekritiseren goedpraat als zijnde goed omdat de ander goedpraat.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb hierin te leven in goed en fout dus in/als de mind, en leven in gelijkheid toe te passen in/als de mind, wat goedpraten van gelijkheid geeft en foutpraten van ongelijkheid.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb enorm boos te worden als ik de ander hoor goedpraten, wat ik dus in mijzelf ook zal doen, het goedpraten van mezelf in/als de mind en vervolgens boos worden op mezelf omdat ik het goedpraat.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb de ander=de mind te willen straffen, om deze aan me te binden door schuldgevoel te creeren, zodat de ander=de mind naar me toe komt met verontschuldigingen en ik niet in/als mezelf hoef te veranderen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet te weten wat ik met de ander moet als die alleen maar goedpraat, dan doe ik het net zo lief alleen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik iets moet met de ander=de mind, in plaats van in te zien dat ik mijzelf als de ander=de mind alleen hoef te stoppen, en de ander ondersteunt me hierin door te laten zien waar ik reageer in/als de mind.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet te kunnen geloven dat ik er weer ingetuind ben, dat ik weer in de ander=de mind heb vertrouwd, in plaats van te zien dat niemand te vertrouwen is zolang de mind een rol speelt.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard hebniet te weten wat alleen staan is, aangezien ik nooit zonder relaties in/als de mind heb geleefd.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb een overeenkomst met de ander in/als de mind te verwarren met alleen staan.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb alles op te willen geven als ik de ander iets hoor goedpraten.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet te kunnen luisteren naar het goedpraten van de ander, wat ik onderbreek met bekritiseren.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb boven de ander(= de mind) te gaan staan in het bekritiseren als goedpraten, waarmee ik het goedpraten van de ander alleen maar versterk.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet boven de ander te willen gaan staan maar ik geloof dat ik niet anders kan als ik de ander hoor goedpraten.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik niet anders kan dan boven de ander gaan staan als ik de ander hoor goedpraten.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet gelijk te durven gaan staan aan de ander die ik hoor goedpraten, aangezien ik geloof dat dat wat de ander zegt ook voor mij geldt en ik ben bang hierin op te gaan, hierin te verdwijnen en verzwelgen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf afhankelijk te maken van de ander=de mind door afhanelijk te zijn van het geld van de ander(=de mind), danwel in geld, danwel in klusondersteuning wat geld kost als er geen bekende is die dit wil/kan doen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik afhankelijk ben van de ander=de mind door het ondersteunen van elkaar in het alleen gaan staan, in plaats van in te zien dat ondersteuning niet afhankelijk is van wederzijdse ruilhandel in/als de mind.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven geen recht te hebben op ondersteuning van de ander als ik het goedpraten van de ander niet accepteer, wat voortkomt uit het geloof dat ik geen recht heb op geld van de ander dus overleving als ik het goedpraten van de ander(=de mind) niet accepteer.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb dit geloof geen recht te hebben op ondersteuning te gaan gebruiken als smoesje om zelf goed te praten dat ik de ander die goedpraat bekritiseer.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb een ruilhandel te starten tussen ondersteuning en de hoeveelheid die iemand ziet in zelf, en als iemand niet in zelf ziet het leifst alle ondersteuning te willen stoppen, in plaats van in te zien dat daar nu juist ondersteuning nodig is.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb walging te ervaren tegen het ondersteunen van iemand die niet in zelf ziet/wil zien.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bang te zijn in de ander=de mind op te gaan, te verdwijnen en verzwelgen als ik gelijk ga staan aan de ander die goedpraat, en dus ga ik uit bescherming boven de ander staan, waarmee ik juist opga, verdwijn en verzwelg in de ander=de mind.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet mezelf te willen zien in het goedpraten van de ander en dus niet te kunnen luisteren naar het goedpraten van de ander.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het goedpraten van de ander mijn neus uit te laten komen, in plaats van in te zien dat het goedpraten van mezelf moet zijn wat mijn neus uitkomt.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb zo genoeg te hebben van het goedpraten van de ander=de mind.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb spot te ervaren naar de ander=de mind

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb de ander te willen vermorzelen als ik de ander hoor goedpraten om de ander=de mind te stoppen, in plaats van in te zien dat ik hiermee de ander=de mind juist versterk.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik de ander=de mind niet kan vergeven.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb verdriet te ervaren doordat ik geloof dat ik de nader=de mind niet kan vergeven.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat als ik samenwerk met iemand die goedpraat, ik mezelf verloochen, in plaats van in te zien dat ik mezelf verloochen door de ander die goedpraat te bekritiseren of in de steek te laten.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het liefste mijn rug wil toekeren naar de ander=de mind die goedpraat, om nooit meer terug te komen, in plaats van in te zien dat ik hiermee creeer waar ik zo bang voor ben, namelijk het verdwijnen in de mind om nooit meer terug te komen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb nooit meer terug te willen komen Hier op aarde.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb verdriet te ervaren omdat ik besloten heb nooit meer terug te willen keren op aarde doordat ik me zo gekwetst voel door het goedpraten van de ander(= de mind), in plaats van in te zien dat ik hiermee mezelf straf i n datgene waarin ik me gekwetst voel namelijk het goedpraten van mijn eeuwige vertrek in/als de mind.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mijn eeuwige vertrek in/als de mind goed te praten omdat ik anderen ook alleen maar goed zie praten,

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb exact hetzelfde te doen als wat ik anderen zie doen, om vervolgens boos te worden als ik anderen datgene zie doen wat ik ook ben gaan doen.

Als ik mezelf zie reageren in/als de mind op het goedpraten van de ander, dan stop ik, ik adem. Ik luister naar de woorden die de ander spreekt zonder er een lading of verbintenis aan te koppelen. Ik adem in, en zie wat er op komt. Als het reacties zijn dan stop ik, en als ik deze reacties niet kan stoppen dan sta ik op en loop weg. Ik ga schrijven om te zien waar ik op reageer.

Ik sta mezelf niet toe datgene te creeren waar ik bang voor ben, namelijk het opgaan, verdwijnen en verzwelgen in de ander=de mind door te reageren op het goedpraten wat ik hoor. Hiermee bevestig ik de ander= de mind in het goedpraten door zelf goed te praten dat ik reageer, waarmee ik de ander= de mind een reden geef om weer op mij te reageren, en zo een situatie te creeren waarin niemand zichzelf ziet.

Ik stop met het gelijk willen halen in/als de mind. Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb moe te zijn geworden van mezelf in het gelijk willen halen. Ik heb het niet nodig om gelijk te hebben aangezien dit een eeuwig gevecht is in als de mind. Ik stop met vechten in polariteit. Ik adem, Ik ben Hier. Ik laat me niet verleiden niet in zelf te zien doordat een ander niet eerst in zelf wil zien, waarmee ik de ander=de mind juist gelijk geef. ik realiseer me dat ik me zo verongelijkt voel doordat ik de ander= de mind steeds gelijk geef in het reageren in/als de mind op de ongelijkheid die ik zie in de ander als zelf. Ik stop, ik adem. Alleen in het stoppen van het gelijk hebben om mijn gelijkheid te bewijzen in/als de mind, zal ik een en gelijk worden als zelf als Leven.