Dag 343 – Stationair draaiende auto’s een futiliteit?

Zoals ik vaker benoemd heb ligt mijn tuintje hier pal aan de straat. Het is een straatje welke doodloopt, waar de rij buren en overburen hun auto inparkeren, starten, wegrijden, maar ook bekenden die aankomen, parkeren, stoppen en praten, terwijl de auto minimaal 5 minuten tot aan een kwartier stationair staat te draaien. Het tuintje ligt ongelukkig, want iedereen heeft hier zijn dingetje te doen. echter, ik zie, hoor en ruik alle dingetjes zeg maar, achter elkaar voorbij komen, en zit soms in de uitlaatgassen, zelfs in huis, en zo ook de konijntjes en de planten. mmm lekker die tomaatjes hier uit de tuin.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het zo gehad te hebben met al die auto’s die aan en uit gaan hier en met al die mensen die er geen erg in hebben dat de auto’s behoorlijk lang stationair staan te draaien direct naast mijn tuintje.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb teleurgesteld en verdrietig te zijn dat een paar buren vonden dat ik problemen maakte en 1 van hen me niet eens aan durfde te kijken toen ze zit zeiden, toen ik vroeg of ze, na 5 minuten stationair draaien, even hun auto uit wilden zetten, terwijl ik normaal met 1 van hen vrij uitgebreide gesprekken voer.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb verdrietig te zijn dat het geen ‘normaal gegeven’ is dat je let op de fysieke woonomgeving met planten en dieren en hier zoveel als mogelijk je gedrag op afstemt als wat het beste is ten aanzien van al het leven.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb verdrietig te zijn dat er blijkbaar niet in mijn schoenen wordt gestaan en hierin gezien wordt hoe het is om de tuin tussen de auto’s te hebben, terwijl ieder ander de tuin aan de andere kant van de huizen heeft waar geen buren en geen auto’s zijn.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb zo genoeg te hebben van de zelfzucht die getoond wordt in deze wereld en in de buurt, en dus vergeef ik mezelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb genoeg te hebben van mijn eigen zelfzucht en die toch nog ten toon spreid.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb angst te ervaren voor onbegrip en neerbuigend gedrag als ik vraag of een motor even uitgezet kan worden als deze onnodig lang staat te draaien, in plaats van in te zien dat ik blijkbaar iets verwachtte toen ik de vraag stelde, en in deze verwachting ging het de mist in, waarin ik reageerde en ik angst ervoer voor het alleen staan te midden van eventueel onbegrip.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb angst te ervaren alleen te staan voor eventueel onbegrip.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te denken dat we hierna iets uit moeten praten, terwijl er alleen maar iets hoeft te worden ingezien, ik in mijzelf, en zij in henzelf.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te denken ‘ik wil hier weg’.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te denken ‘ik neem hierna hier geen nieuwe konijntjes meer in dit tuintje’.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te denken dat het rustiger zou zijn als ik geen konijntjes zou hebben hier, en me ondertussen schuldig voel hierover alsof ik de konijntjes niet zou willen houden hier, terwijl ik elke dag plezier met ze heb, in plaats van in te zien en me te realiseren in een moment van ervaring van zorg, dat het met de konijntjes okay, gaat, en dat ik het ben die onrust zaait in mijn eigen geest door me zorgen te maken over ‘wat en als’ voor de konijntjes.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb verdriet te ervaren over de afschuwelijke onverschilligheid die er bestaat ten aanzien van elkaar en van het samenleven met elkaar.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf een zeur te voelen omdat ik vraag of de auto even uit kan na 5 minuten stationair draaien.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf als ‘te zacht’ te ervaren voor deze wereld waarin er het ene moment een leuk gesprek gevoerd wordt en het volgende moment een ander wordt afgebekt.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te reageren op een draaiende motor van een auto hier in de buurt, kort of lang, en me zorgen te maken over de uitlaatgassen waar ik, de planten en de konijnen middenin zitten en tegelijkertijd denk ‘er wordt geen rekening met me gehouden’.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb zo moe te zijn van het feit dat er niet fysiek gekeken wordt naar elkaar in de leefomgeving, dat er niet gezien wordt wat er wordt gedaan en wat dit voor een ander betekent, en dat ik de hele tijd mijn mond open moet doen over dit soort kleine zaken die niet gezien worden.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb zo moe te zijn van mijn eigen geest die niet fysiek ziet in de leefomgeving als mijn eigen fysiek.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb wrok te ervaren naar degenen die me afbekken en me niet meer aankijken, en hierin in mijn hoofd hetzelfde doe en hen niet meer aankijk als ‘met de nek aankijk’.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf te verlagen tot denigrerend gedrag in de geest, in plaats van in te dalen in en als het fysiek en hier te zijn, stabiel, en de onverschilligheid van de ander, bij de ander te laten zonder dat het mij of mijn gedrag beinvloedt ten aanzien van hen en mezelf.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te hebben vertrouwd op de buren door een aantal lange gesprekken die we hebben gevoerd waarin we overeenstemden aangaande de ongelijkheid in de wereld, terwijl ik onderwijl merkte dat de ongelijkheid als onverschilligheid in zelf hierin niet gezien wordt, wat nu duidelijk werd.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het innerlijk proces als futiliteit te zien en als onbelangrijk aangezien het over zulke hele kleine punten gaat, terwijl ik al heel lang weet, zie, realiseer, ervaar en begrijp dat hier alles start, dat alles heel klein begint en begonnen is, en dat werkelijke verandering alleen heel in het klein, in zelf kan starten.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te denken en geloven dat ik zeur over futiliteiten als ik deze kleine punten bespreekbaar maak en hier mezelf in zelftwijfel trek als een ander reageert op wat ik benoem, in plaats van in te zien dat het feit dat er gereageerd wordt, aangeeft dat er iets geraakt wordt wat niet in gelijkheid is toegepast.

*

Als ik een auto stationair hoor draaien dan stop ik, ik adem.

Ik zie in mezelf waar ik me zorgen over maak, welke gedachten opkomen, en pas hier zelfvergevingen op toe.

Ik zie in het moment of het werkelijk nodig is om te vragen een motor te stoppen, of het werkelijk onacceptabel lang is. Ik pas zelfvergevingen toe op de angsten die ik ervaar en adem, en adem door de pijn heen die ik ervaar in mezelf.

Ik realiseer me dat er veel te doen is ten aanzien van het gewaar worden van de noodzaak tot het innerlijk proces van zelfverandering.

Ik stel mezelf ten doel mezelf te trainen als stem voor en als het leven, en mezelf hier in te zetten voor algemene verandering in de wereld, beginnende in de mens zelf, en de kleine veranderingen hier in de buurt voorlopig te laten voor wat het is, en tegelijkertijd de mensen de tijd te geven om in zelf te realiseren wat er gebeurt als er wel een punt ter sprake komt.

Ik stel mezelf ten doel me in te zetten voor het proces van zelfverandering en hierin ondersteuning te bieden aan een ieder die bereid is in zelf te zien, waarin ik een weg vind om deze ondersteuning aan te bieden en mensen hiervoor naar mij kunnen komen als ze er klaar voor zijn, en met deze mensen samen te gaan werken, en met de rest gewoon een praatje te maken over het weer of zaken waarvoor ze open staan.

Ik stel mezelf ten doel mijn eigen innerlijk proces van zelfinzicht, zelfeerlijkheid en zelfverandering voort te zetten en hierin steeds meer stabiel te worden, adem voor adem, dag voor dag, en mezelf te omarmen in de punten waarin ik dit niet ben, mezelf te vergeven, mezelf te begrijpen, en op deze manier  zelf  de verandering te wandelen.

Proces van Zelfverandering:

Desteni I Process – Lite (Free!)

Desteni I Process – Pro

Full reptilians the road ahead part 2

Reptilians – The Road Ahead – Part 2

————————————————————————————————————————————————————

Mogelijkheid tot wereldverandering met gelijke kansen voor ieder-een:
www.equalmoney.org
Equal Life Foundation:
https://www.facebook.com/EqualLifeFoundation
Proces van zelfverandering:

www.desteniiprocess.com
www.lite.desteniiprocess.com  GRATIS ONLINE CURSUS MET BUDDY
Proces van relatie naar agreement:
www.desteniiprocess.com/courses/relationships
Zelfeducatie free:
www.eqafe.com/free
www.desteni.net
www.desteni.org
Journey to Life:
7 jaar dagelijks schrijven
7 jaar dagelijks schrijven – Dag 1 – Van ziel naar Leven
http://www.facebook.com/groups/journeytolife/
video: 2012: Nothingness – The 7 year process Birthing Self as Life
De Desteni Boodschap – Wat doen we ermee?:
https://ingridschaefer1.wordpress.com/2013/02/13/dag-235-de-desteni-boodschap-wat-doen-we-ermee/
Zelfvergeving als Toegift aan jeZelf:
https://ingridschaefer1.wordpress.com/2013/05/20/dag-299-zelfvergeving-als-toegift-aan-jezelf/

Advertenties

Dag 11 – Ik heb gefaald – Bewustzijnsontwikkeling als de wikkel van Angst

Het is me niet gelukt. Het is me niet gelukt om samen te leven met een man die nog niet in zichzelf wil zien. En ik word hierdoor afgeleid van mezelf, het triggert me zodanig dat ik blijf projecteren op hem, al zie ik achteraf wel dat ik het doe. Ik sta nog niet zo stevig in mezelf dat ik in deze situatie kan blijven staan. In theorie moet het kunnen, in de dagelijkse praktijk slaat het dood, slaan we elkaar dood (in expressie). Dus ik zie in theorie wel in mezelf maar kan het nog niet toepassen in de praktijk. Wat ook geen zien als zijn is in/als mezelf. Ik ben niet gelijk als zelf.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik gefaald heb omdat het niet gelukt is om samen te leven met een man die nog niet in zichzelf wil zien.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb me te schamen dat het me niet gelukt is om met een man samen te leven die nog niet in zichzelf wil zien.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb met een man te willen samenleven, in plaats van in te zien dat ik alleen met/als mezelf kan leven, om vervolgens iets wat eigenlijk niet kan te gebruiken als reden om een ervaring van falen of schaamte te creeren.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het niet zien van de man in zichzelf als trigger-point in me te laten bestaan, welke me triggert om me af te leiden van mezelf in gedachtes, gevoelens en emoties, geprojecteerd op de man, waardoor ik zelf niet in zelf hoef te zien.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb in de toekomst te projecteren door te zien dat het moet kunnen, samen leven met iemand die al dan niet in zelf wil zien door alles terug naar zelf te halen, om er vervolgens achter te komen dat het op dit moment niet lukt, waardoor ik boos word op mezelf en op de man en niet hier kan zijn door deze boosheid.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat iets kan lukken of niet lukken, en dat als het me lukt ik slaag en gelukkig ben, en als het niet lukt ik faal en ongelukkig ben.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mijn ervaring van wie ik ben in het moment af te laten hangen van het al dan niet gelukken van een projectie in de toekomst.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb ontevredenheid in mezelf te creeren door mijn ervaring van mezelf in het moment af te laten hangen van een projectie in de toekomst van hoe ik zou moeten/kunnen zijn.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik een kans weggooi door deze projectie in de toekomst niet te leven.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb een kans te creeren door een projectie in de toekomst, niet ziende dat deze kans geen kans is maar een zelf gecreeerde toekomstprojectie.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik een projectie in de toekomst moet leven aangezien het zich aan lijkt te dienen als kans.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik en de man moeten voldoen aan wat ik projecteer in de toekomst, wat me ervan weerhoudt Hier te zijn.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb geen levend voorbeeld als levend Hier te kunnen zijn voor de man en als mezelf door te geloven dat ik moet leven wat ik projecteer in de toekomst.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf en de man dood te slaan als expressie door te proberen de geprojecteerde toekomst te leven.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb dat te leven wat ik projecteer in de toekomst, uit angst dat de man weggaat als ik ga leven wat Hier is, aangezien ik zie dat de man niet in zelf wil zien en als ik in zelf ga zien en ga leven wat hier is gaat de man wellicht weg aangezien ik geloof dat hij niet in zelf wil zien.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat de man weggaat als ik in zelf ga zien en leef wat Hier is, in plaats van in te zien dat ik niet weet of de man wel of niet weggaat, maar uit angst dat hij weggaat ga ik vast weg, weg mijn eigen projectie in de toekomst in, om vervolgens boos te worden op de man dat hij niet Hier is en dus weg is.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat de man niet in zelf wil zien, en daarom ga ik allerlei trucjes verzinnen om hem zogenaamd hier te houden, wat niet Hier is als Aanwezig als Zelf, maar hier bij bij, zorgend voor mij.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb de man vast te houden in/als de mind door te leven wat ik projecteer in de toekomst, uit angst dat de man weggaat als ik Hier ga leven en alleen nog in zelf ga zien, aangezien ik niet geloof dat de man in zelf wil zien.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bang te zijn dat de man weggaat als ik alleen nog in zelf ga zien en hij mij dus ook te zien krijgt.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bang te zijn dat de man weggaat als hij mij te zien krijgt.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bang te zijn dat de man weggaat als hij zichzelf te zien krijgt doordat ik alleen nog in zelf ga zien.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat de man het niet aankan om zichzelf te zien, in plaats van in te zien dat dit ergens een projectie moet zijn, dat ik het niet aankan om mezelf te zien.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet te zien dat ik het niet aankan om mezelf te zien.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb niet te willen dat de man zichzelf gaat zien, aangezien ik me dan niet meer met hem bezig kan houden en alleen nog in mezelf kan zien.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te verdwijnen in mijn eigen projecties, waardoor het me op het moment niet lukt om met de man samen te leven aangezien ik dan verdwijn in de projecties van mezelf op hem, oftewel in hem.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te verdwijnen in de projecties van mezelf op de man, waardoor ik verdwijn in de man en dus weg ben, waardoor ik vervolgens enorm ga reageren op alles wat de man doet, aangezien ik verdwenen ben in hem en alles wat hij doet mij ook raakt.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb overprikkeld te raken door te reageren op alles wat de man doet, voortkomend uit het verdwijnen van mezelf in mijn projecties van mezelf op de man dus voortkomend uit het verdwijnen van mezelf in de man.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb de overprikkeling, voortkomend uit mijn reacties op alles wat de man doet doordat ik verdwenen ben in mijn projecties op de man dus in de man, fysiek te manifesteren, om vervolgens overprikkeld te raken door de prikkels die mijn zelf gemanifesteerde fysieke mind gaat afgeven aan mezelf.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb overprikkeld te raken door mijn zelf gemanifesteerde fysieke mind, voortkomend uit mijn reacties op de man/de ander door te verdwijnen in de man/de ander door te verdwijnen in projecteis van mezelf op de man/de ander.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb nooit Hier te zijn omdat ik altijd weg ben in mijn reacties op de ander dan wel op mijn eigen gemanifesteerde fysieke mind, waarmee ik een nieuwe laag van reacties creeer/in stand houd.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb een reactiepatroon op de aanwezigheid van de ander, voortkomend uit het verdwijnen van mezelf in mijn eigen projecties op de ander, in mijn eigen fysiek te manifesteren, waardoor ik het mezelf onmogelijk maak om samen te leven en dus steeds fysiek alleen moet leven, alleen met mijn gemanifesteerde fysieke mind.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf te isoleren door het mezelf onmogelijk te maken door mijn eigen reacties op de ander, voortkomend uit het verdwijnen van mezelf in projecties van mezelf op de ander waardoor ik verdwijn in de ander.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te verdwijnen in mijn eigen reactiepatroon, dan wel op de aanwezigheid van de ander, dan wel op de fysieke mind die ik gemanifesteerd heb in mezelf.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf volkomen uit te putten en ziek te maken door te verdwijnen in mijn reacties als projecties van mezelf op de de ander, en als er geen ander is, door te verdwijnen in mijn eigen reacties als projecties van mezelf op mijn eigen fysiek gemanifesteerde mind.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bang te zijn om alleen te leven doordat ik bang ben te verdwijnen in mijn eigen reacties als projecties van mezelf op mijn eigen fysiek gemanifesteerde mind.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb dus constant bang te zijn voor het verdwijnen in mijn eigen reacties als projecties van mezelf dus voor het verdwijnen in de mind, in plaats van Hier te zijn, constant als mezelf.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb het verdwijnen in mijn eigen reacties als projecties van mezelf te koppelen aan angst, en dus vergeef ik mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bang te zijn voor mijn eigen angst.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb bang te zijn om te veranderen uit angst voor mijn eigen angst.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb angst te koppelen aan angst voor verandering, en dus vergeef ik mezelf dat ik mezelf heb toegestaan opnieuw bang te zijn voor mijn eigen angst.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf volledig vast te zetten in angst als de mind als bewustzijn, waar ik ook ben en met wie ik ook ben.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te leven in en als angst als bewustzijn.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf niet heb toegestaan en niet aanvaard heb te zien dat bewustzijn gelijk is aan angst, en door het bewustzijn te ontwikkelen heb ik mijn eigen angst ontwikkeld.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mijn eigen angst te ontwikkelen door mijn bewustzijn te ontwikkelen, ondertussen gelovende dat ik bezig ben me van mijn angst te ontdoen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb te geloven dat ik bezig ben me van mijn angst te ontdoen door mijn bewustzijn te ontwikkelen, in plaats van in te zien dat ik mezelf hiermee wikkel in angst; wat het vervolgens nodig maakt om me te wikkelen in liefde van/voor de man.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb mezelf te wikkelen in liefde van/voor de man om mezelf veilig te stellen in/als het bewustzijn als angst.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf heb toegestaan en aanvaard heb verdrietig te zijn dat ik me niet langer kan wikkelen/koesteren in de liefde van/voor de man.

Als ik mezelf zie participeren in verdriet om het niet langer kunnen wikkelen/koesteren van mezelf in de liefde van/voor de man, dan stop ik, ik adem. Ik realiseer me dat ik verdriet ervaar omdat ik deze emotie in/als de mind heb gecreeerd om mezelf vast te houden in/als de mind op het moment dat de illusie van liefde verdwijnt.

Ik sta mezelf niet toe mezelf in/als de mind vast te houden aangezien ik hiermee mezelf vasthoud in de wikkel van angst, wat me afhankelijk maakt van het vasthouden/vinden van een man om liefde van/voor te ervaren.

In plaats hiervan houd ik mezelf vast in het fysiek; ik adem door de angst en het verdriet heen en pas zelfvergevingen toe op de punten waarin het me niet lukt hier doorheen te ademen.

Als ik mezelf zie participeren in reacties op mijn eigen gemanifesteerde fysieke mind, dan stop ik, ik adem. Ik realiseer me dat ik verdwijn in projecties van mezelf op mijn fysiek, wat ik vervolgens gemanifesteerd heb, om hier vervolgens weer opnieuw op te gaan reageren.

Ik sta mezelf niet toe opnieuw te reageren op mijn eigen gemanifesteerde reacties in het fysiek, aangezien ik daarmee een nieuwe laag creeer die ik later weer moet vergeven. In plaats daarvan stop ik mijn reacties en adem. In de adem of in het schrijven ga ik zien wat het is dat ik niet van mezelf verdraag, waardoor ik het nodig acht dit te projecteren op iets buiten mezelf dan wel op mijn eigen fysiek. Ik realiseer me dat ik niets hoef te verdragen en zelfvergevingen kan toepassen. Ik adem in en zie wat me zo verdrietig maakt, en hier pas ik zelfvergevingen op toe. Het is niet nodig mezelf zo af te wijzen aangezien ik gewoon gevolgd heb hoe ik geprogrammeerd ben als systeem. Ik heb hier geen schuld aan maar dien er wel verantwoordelijkheid voor te nemen, verantwoordelijkheid voor mezelf als zelf. Wie moet het anders doen? De Buurman? Ik zie dat ik de enige ben die mezelf hierin kan ondersteunen, dus dan kan ik maar beter meteen beginnen hiermee.

Als ik mezelf zie reageren op de man/de ander, dan stop ik, ik adem. Ik realiseer me dat ik iets van mezelf projecteer op de man/de ander wat ik niet wil zien van  mezelf, om hier vervolgens in te verdwijnen, wat me zo boos maakt omdat ik hiermee verdwijn in de ander, en dus ga ik de ander dwingen te stoppen zodat ik niet hoef te verdwijnen. Dit is onbegonnen werk, de ander stoppen. Ik stop met het stoppen van de ander. Ik sta mezelf niet toe de ander te (willen) stoppen, waarmee ik alsnog in de ander verdwijn. in plaats hiervan, stop ik mezelf, direct. ik stop met reageren op de ander, pak mezelf beet in het fysiek en zie wat me zo boos of verdrietig maakt, zo boos dat ik de ander wil dwingen om te stoppen. Dat wat ik zie, pas ik zelfvergevingen op toe. Dat wat ik niet zie, pas ik ook zelfvergevingen op toe, totdat ik het zie en het punt zelf kan vergeven. Net zolang totdat ik mezelf volledig heb vergeven voor wat ik mezelf heb toegestaan in en als te bestaan.

Ik verbind mezelf met mezelf door mezelf te (be)vestigen in/als mezelf door het toepassen van zelfvergevingen en vervolgens zelfcorrecties toe te passen in de praktijk. Als het me niet lukt een zelfcorrectie toe te passen, vergeef ik mezelf en doe het opnieuw. Net zolang totdat ik mezelf bevestig in/als mezelf in de fysieke realiteit.

Ik realiseer me dat ik mijn eigen projecties op de ander dan wel op mijn eigen fysiek als bevestiging zie van mezelf, waardoor ik volledig verdwijn in mijn eigen projecties door mezelf te (be)vestigen als deze projecties te. Vervolgens noem ik dit een spiegel, en blijf ik bezig met het spiegelen van mezelf in de ander. ik sta mezelf niet toe te verdwijnen in de spiegel die ik zelf gecreeerd heb door mijn eigen projecties op de ander te geloven en hier vervolgens naar te gaan leven. Ik sta mezelf niet toe mezelf te (be)vestigen als projectie van mezelf. Ik stop, ik adem. Ik pas zelfvergevingen toe op wat ik projecteer op de ander of op mijn fysiek en corrigeer mezelf door het stoppen mijn reacties op de ander of op mijn fysiek. Hierin vestig ik mezelf als Zelf, zelfvergeving voor zelfvergeving.

Ik realiseer me dat ik verdrietig ben om datgene wat ik ben en ken als systeem los te laten. Wat ik ervaar als het loslaten van mezelf. Alleen door dit systeem als mezelf los te laten/mezelf te vergeven zal ik mezelf als leven worden.